Gebhard Ullmann en de basklarinet (Wolf Kampmann)

Een zoete zucht uit zwart hout


Het is al een paar jaar geleden, maar ik herinner het mij alsof het gisteren was. Gebhard Ullmann, de meest prominente saxofonist van de toen nog niet zo "boomende" Berlijnse jazzscène, belde mij op en vertelde vol trots dat hij een basklarinet had gekocht. Aha, een basklarinet, dacht ik bij mezelf. Nog een houtblaasinstrument erbij. Gitaristen kopen nieuwe gitaren, houtblazers nieuwe houtblaasinstrumenten. Wat ik toen nog niet begreep, was het feit dat die dag een keerpunt in het leven van Gebhard Ullmann betekende.

Vroeger was Ullmann al een filosoof van het hout geweest. Reeds de eerste aanzetten tot zijn Tá Lam-project hadden bewezen dat hij fluiten, saxofoons en klarinetten niet enkel kon doen klinken, maar zelfs doen ademen en ruiken. Vooral in samenspel met de Zwitserse accordeonspeler Hans Hassler, die ook integraal deel uitmaakte van Tá Lam, maakte hij van de combinatie van hout en leder een weldoend fluïdum. De aankoop van de basklarinet zou echter alles veranderen...

Verandering van decor. In de zomer van 1998 staat Gebhard Ullmann, met zijn inmiddels tot tien muzikanten uitgegroeid ensemble Tá Lam, op het toneel van de beroemde alternatieve jazz club The Empty Bottle in Chicago. Onder de aanwezigen bevindt zich ook de plaatselijke matador Ken Vandermark. Die kan niet anders dan naar zijn pint grijpen en oprecht verbluft uitroepen: "Zoiets heb ik nog nooit meegemaakt". De kern van het Tá Lam-ensemble bestaat namelijk uit vier basklarinetten, die de muziek niet enkel een mystieke diepte en kern geven, maar ook een ritmische basis. Wat was er intussen gebeurd? De kennismaking van Ullmann met de basklarinet was heel wat meer dan een uitbreiding van zijn al rijk instrumentarium met een nieuwe klankvoortbrenger. Hij stond voor een nieuwe uitdaging. "De basklarinet", aldus Ullmann, “is nog weinig onderzocht. Als saxofonist wordt het steeds moeilijker los te komen van scholen, voorbeelden en vergelijkingen. Op de basklarinet daarentegen kun je nog je eigen toon vinden. Ze beschikt over een ongelooflijke waaier aan uitdrukkingsmogelijkheden, kan worden gebruikt als leidend en begeleidend instrument en heeft zowel in de hoogste als in de laagste tonen nog een volle klank. Het is alsof je twee instrumenten tegelijk bespeelt. Meer nog: in een basklarinet schuilt een heel ensemble."

Waarschijnlijk komt zijn liefde voor dit instrument ook een beetje voort uit het feit dat een basklarinet geen instrumentale hoogstandjes vergt, zoals een tenor- of sopraansaxofoon. De langzame werking van het blaasinstrument geeft de bespeler de kans zich even in te houden. Het combineert een gesofistikeerde met een dansende noot. Ullmann, die van nature uit eerder een omzichtig speler is, die zich wel in zijn muziek kan verdiepen, maar zich helemaal niet laat opjutten, vindt in de zwarte buis met de diepe toon een instrument dat zijn karakter en zijn spelersbehoeften als geen ander ondersteunt. De saxofoonspeler met oppervlakkige belangstelling voor klarinetten, werd een klarinetspeler die zich ook met een saxofoon op zijn best toont. Bij Tá Lam wordt hij echter door méér aangetrokken dan door zijn eigen expressie. "Ik heb in de groep vier basklarinettisten die elk totaal verschillende achtergronden en voorliefdes hebben. Ik hou ervan voor hen te schrijven en mee te maken hoe uit die verschillende speelwijzen de klank van een ensemble groeit. Het samenspel van diverse basklarinetten levert boventonen op die aan weer volledig andere instrumenten doen denken. Ik geloof dat er op dat vlak nog veel te doen is."

Naast Tá Lam heeft Ullmann intussen nog een andere band in het leven geroepen, waarbij de klarinet in het middelpunt staat. In zijn Klarinetten Trio spelen hijzelf en Theo Nabicht uitsluitend basklarinet, terwijl Wood Wizard Jügen Kupke klarinet speelt. De cd "Oct. 1, 98" onthult een totaal nieuw articulatieniveau. Ullmann goochelt vaardig met alle mogelijkheden die het instrument hem biedt. Hij vindt een volledig andere en, verrassend genoeg, veel meer ontspannen aanzet dan het Franse Trio Des Clarinettes, stoot door tot nieuwe en vrij geïmproviseerde muziek, maar dartelt ook op gebieden zoals [onleesbaar] en filmmuziek. "Precies dát is het mooie aan een klarinet", jubelt Ullmann. "Er is niets dat men niet over haar kan zeggen. In elke context creëert zij een zeker gevoel van nostalgie en toch kan men er altijd mee op avontuur trekken. Zij staat voor de traditie van een hele waaier aan folklore, net als voor volledig abstracte muziek."

Ullmann weet dat men een instrument als een basklarinet niet al slapend verovert. Elke nieuwe cd is een stap vooruit, een experiment, een opnieuw betasten van de vele vertakkingen van de zwarte koker met zijn zilveren kleppen, op zoek naar uitgangen en luchtgaten. Bescheiden geeft hij toe nog maar aan het begin te staan, hoewel nauwelijks iemand hem nog iets over dat instrument zal kunnen leren. Niet omdat hij er beter of sneller kan op spelen dan anderen, maar omdat hij met zijn geest in het instrument is binnengedrongen, hij het heeft begrepen en er één mee is geworden.


Discografie

•“Kreutzberg Park East”, The New York Quartet, met Ellery Eskelin, Drew Gress en Phil Haynes, Soul Note, 1999
•“Oct. 1, ‘98”, The Clarinet Trio, met Jürgen Kupke en Theo Nabicht, LEO LAB CD, 1999
•“Tá Lam”, The Woodwind/Accordion Project, Songlines, 1998
•“Basement Research”, The New York Quartet, Soul Note, 1995
•“Moritat”, The Woodwind/Accordion Project, 99 Records, 1994
•“Tá Lam”, met Hans Hassler (accordeon), 99 Records, 1993
•“Per Dee Doo”, met Michael Rodach (g), Martin Lillich (b) en Niko Schäuble (d), Nabel, 1990

als coleader met gitarist Andreas Willers:

•“Trad Corrosion”, met o.a. Phil Haynes, Nabel, 1997
•“Playful ‘93”, Nabel, 1993
•“Suite Noire”, met Marvin ‘Smitty’ Smith en Bob Stewart, Nabel, 1992
•“Ullmann/Rava/Willers ...”, met o.a. Enrico Rava, Nabel, 1989
•“No Age”, met o.a. Trilok Gurtu, Hans Lüdemann en Glen Moore, Intuition Records, 1987
•“Out to Lunch”, Nabel, 1985
•“Playful”, Biber Records, 1984

als lid van diverse bezettingen:

•“Full Circle Suite”, Joe Fonda Quintet, december 1999
•“Faust”, Die Elefanten, Klangräume Records, 1994
•“Major League”, Günter Lenz Springtime, Bellaphon, 1992
•“Tibetan Dixie”, Larrikin Records, 1992
•“Eisen, Kohle und Zucker”, Open Minds Records, 1991
•“Die Wasserwüste”, Die Elefanten, Nabel, 1989
•“Immer Alle/Immer Ich”, Die Elefanten, Nektar Records, 1987
•“Nervous City”, Die Elefanten, Nektar Records, 1985


Meer informatie vind je op Gebhards homepage: www.gebhard-ullmann.com
e-mail: bluenoise@gebhard-ullmann.com



homepage